Nu online: Richtlijn Middelengebruik voor jeugdhulp en jeugdbescherming

Professionals in de jeugdhulp en jeugdbescherming moeten bij jeugdigen het gebruik van tabak, drank en drugs structureel aan de orde stellen. Bij de behandeling van problematisch middelengebruik moet motiverende gespreksvoering een grote rol spelen. Dit zijn de belangrijkste aanbevelingen van de Richtlijn Middelengebruik voor jeugdhulp en jeugdbescherming. De richtlijn biedt jeugdprofessionals handvatten om de ernst van het probleem vast te stellen en doet aanbevelingen voor de beste aanpak. De richtlijn is een van de veertien richtlijnen voor jeugdhulp en jeugdbescherming die worden ontwikkeld om jeugdprofessionals te ondersteunen bij hun werk.

Bespreekbaar maken en behandelen
Jongeren in de jeugdhulp en jeugdbescherming vormen een risicogroep als het gaat om middelengebruik. Roken, drinken en het gebruik van verschillende soorten drugs zijn er eerder regel dan uitzondering. Middelengebruik op jonge leeftijd kan leiden tot psychische en lichamelijke klachten en verslaving op latere leeftijd. Problematisch middelengebruik duidt bovendien vaak op andere problemen zoals bijvoorbeeld een complexe gezinssituatie. Hoe vroeger er wordt geïntervenieerd, des te groter is de kans op een succesvolle behandeling. Hiervoor is het belangrijk dat jeugdprofessionals middelengebruik bespreekbaar maken.

Motiverende gespreksvoering
Bij de behandeling van problematisch middelengebruik van jeugdigen stelt de Richtlijn Middelengebruik motiverende gespreksvoering centraal. De kern van deze benadering is dat jeugdigen gaan inzien dat zij een probleem hebben en gemotiveerd raken om dit aan te pakken. Samen met de cliënt verkent de behandelaar wat de problemen zijn en wat daaraan te doen is. Bij motiverende gespreksvoering werkt een hulpverlener aan een relatie die is gebaseerd op samenwerking en eigen verantwoordelijkheid. Daarom onderstreept de richtlijn ook het belang van de voorbeeldfunctie van de hulpverlener.

Vragenlijsten
Om vast te stellen of het middelengebruik problematische vormen aanneemt, kunnen jeugdprofessionals gebruik maken van de vragenlijsten SMA (Screeningslijst Middelengebruik bij Adolescenten) en CRAFFT (Car, Alcohol, Relax, Alone, Forget, Family/Friends) en in het geval van een lichte verstandelijke beperking de SumID-Q. Vervolgens kan de stap worden gezet naar een eventuele behandeling op school, bij een jeugdinstelling of binnen het gezin.

Richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming
Het ontwikkelen van richtlijnen voor de jeugdhulp en jeugdbescherming is een initiatief van drie beroepsverenigingen in de jeugdhulp. Dit zijn het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP), de Nederlandse Vereniging van Pedagogen en Onderwijskundigen (NVO) en de Beroepsvereniging van Professionals in Sociaal Werk (BPSW / voorheen NVMW). Zowel de ontwikkeling als de invoering van de veertien richtlijnen wordt gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De programmaorganisatie is in handen van het Nederlands Jeugdinstituut. Bij het ontwikkeltraject zijn wetenschappers, professionals en cliënten nauw betrokken. Zij denken en schrijven mee en leveren op verschillende momenten commentaar. Nadat alle commentaren zijn verwerkt, autoriseren NIP, NVO en BPSW de richtlijn. Richtlijnen gelden vanaf de publicatie als professionele standaarden van de betreffende beroepsgroepen en dragen bij aan het verbeteren van de kwaliteit van de jeugdhulp en de jeugdbescherming.

Download de richtlijn
De Richtlijn Middelengebruik is voorzien van zes praktische werkkaarten voor professionals. Daarnaast is in een apart document de onderbouwing van de richtlijn opgenomen en is er een cliëntversie gemaakt. De richtlijn, werkkaarten, onderbouwing en de cliëntversie zijn te raadplegen en te downloaden op www.richtlijnenjeugdhulp.nl.